VBRO

Korpschefs van Politie trekken aan alarmbel

De korpschefs van de West-Vlaamse politiezones uiten hun bezorgdheid over de aanhoudende personeelstekorten en onvoldoende kandidaat-politiemensen wat tot het schrappen van opleidingen aan de West-Vlaamse Politieschool dreigt te leiden. Bij monde van hun Voorzitter, de Brugse Korpschef, Eerste Hoofdcommissaris Dirk Van Nuffel verspreidden ze volgend persbericht.

1. Een falende instroom van nieuw rekruten
De rekrutering en selectie van nieuwe politiemedewerkers loopt mank. De cadans daarvan wordt
bepaald door de federale politie die zich geconfronteerd ziet met een schrijnend gebrek aan
medewerkers in de nationale selectiedienst. Dit laatste heeft dan weer te maken met opgelegde
besparingen.
De lokale politie kreunt onder dit gebrek aan instroom van nieuwe inspecteurs. Zelfs in die mate dat
de dienstverlening aan de burger en de veiligheid en het welzijn van onze politiemedewerkers
onbetwistbaar steeds meer in het gedrang komt. Een kritische grens is bereikt!
De cijfers spreken voor zich. Op 8 februari 2022 telden de 19 politiekorpsen van de provincie WestVlaanderen een deficit van maar liefst 19 officieren, 73 hoofdinspecteurs, 239 basiskaders, 8 agenten
en 48 administratieve en technische personeelsleden. Dit komt in grootorde overeen met de capaciteit
van een groot politiekorps zoals bv. de Politiezone Brugge.
Een jaarlijkse nationale instroom van 1600 inspecteurs is het absolute minimum om de motor van de
geïntegreerde politie draaiende te houden en dus de minimale dienstverlening te kunnen blijven
garanderen. Zowel politieke verantwoordelijken als leidinggevenden van de geïntegreerde politie
hebben zich voor deze minimale instroom geëngageerd.
Sedert september 2021 is er een nieuwe rekruterings- en selectieprocedure met een verkorte
doorlooptijd voor de rekrutering van nieuwe leden voor de politie in voege getreden. Hierbij werd en
wordt gerekend op een significante inspanning van – en bijstand door – de lokale politie. Hoewel de
lokale politie haar engagementen met plaatselijke rekruteringscampagnes volledig nagekomen is, blijft
de verwachte snelle instroom toch nog steeds uit. Dit leidt niet alleen tot moedeloosheid bij de lokale
politie maar ook tot steeds meer frustratie, vooral door de gebrekkige, enigszins ambigue
communicatie hieromtrent vanuit de federale politie.
Iedereen is zich bewust van de krapte op de huidige arbeidsmarkt en ‘the war for talent’. De lokale
politie is ervan overtuigd dat het niet realiseren van de beloofde verkorte doorlooptijd via de nieuwe
selectieprocedure, leidt tot het afhaken van potentieel enthousiaste en/of gemotiveerde kandidaten,
die in hun zoektocht naar een geschikte job veel sneller aan hun trekken komen in de privé of andere
publieke sectoren.

2. Geplande opleidingen worden geschrapt door een onderfinanciering van de politiescholen
en een gebrek aan studenten en/of opleiders
De korpschefs van West-Vlaanderen stellen vast dat niet alleen de selectie van nieuwe rekruten zeer
problematisch verloopt, maar ook de hierop volgende ontzettend belangrijke fase, meer bepaald de
opleiding van de nieuwe rekruten. De belangrijkste oorzaak hiervan is de onderfinanciering van de
politiescholen. Nog meer dan elders is dit het geval voor de West-Vlaamse politieschool. Brussel levert
niet alleen onvoldoende opleiders maar blijkt zelfs niet in staat de aspiranten door te sturen, die hun
opleiding nog moeten starten.

3. Stijgende werkdruk bij de lokale politie door mank lopende gespecialiseerde steun van de
(ondergefinancierde) federale politie
Het budgettaire en capaciteitstekort bij de gedeconcentreerde diensten van de federale politie laat
zich voelen bij het beheer van zone-overschrijdende activiteiten, lokale evenementen en
gebeurtenissen, wat de werkdruk op de lokale politiekorpsen alleen maar vergroot. Gespecialiseerde
steun en technologische innovatie hinken achterop waardoor de lokale politie zich verplicht ziet zelf
initiatieven te nemen waarop vooral de kleinere politiezones dan weer niet berekend zijn.

4. Conclusie
Het noodzakelijke steunaanbod vanuit de federale politie voldoet niet langer om de lokale politie, die
eveneens kreunt onder een capaciteitstekort, substantieel te ondersteunen. Die steun is nochtans
uitdrukkelijk in de politiewetgeving ingeschreven.
Elke politiemandataris heeft de plicht om verantwoording af te leggen met betrekking tot de uitvoering
van haar of zijn beleid en beslissingen. Door een steeds groeiend gebrek aan capaciteit wordt het
moeilijker om dat beleid ook effectief uit te voeren. Vanuit een zeer ernstige bezorgdheid luiden de
korpschefs van West-Vlaanderen dan ook de alarmbel en dringen ze aan om deze vicieuze cirkel te
doorbreken met een daadwerkelijk en snelle oplossing voor de hoger aangehaalde problemen. De
lokale politie is zelfs bereid om – eventueel tijdelijk – samen met de politieschool selecties op
provinciaal niveau te organiseren.
Het aankaarten van voormelde pijnpunten belet niet dat de korpschefs tegelijk hun hand uitsteken
naar de politiek verantwoordelijken en de federale politie om samen met hen dringend een plan van
aanpak te ontwikkelen, in de geest van optimale samenwerking zoals het in een kwaliteitsvolle
geïntegreerde politie betaamt.

Foto: Poltiezone Brugge

Trotsplaat

Trotsplaat